In Tokio zijn alle veiligheidsmaatregelen uit de kast getrokken voor het bezoek van de Amerikaanse president Trump aan Japan. Openbare prullenbakken zijn dichtgeplakt, treinkluisjes onbruikbaar gemaakt en speurhonden controleren passagiers op drukke stations. Ruim 18.000 agenten zijn op de been. Trumps vierde officiële bezoek aan Japan is onmogelijk te missen.
Terwijl Trump keizer Naruhito ontmoet, een zeldzame eer voor buitenlandse leiders, staat de kersverse premier Sanae Takaichi zich klaar te maken voor de grootste uitdaging in haar politieke carrière: de president overtuigen dat Japan genoeg doet als Amerika’s belangrijkste bondgenoot in Azië.
Slechts zes dagen terug wist Takaichi nipt een parlementaire meerderheid te winnen om haar plek als premier te bemachtigen. Haar benoeming volgde na de val van het vorige kabinet en een abrupte breuk van haar Liberaal-Democratische Partij met de pacifistische Komeito-partij, die na 26 jaar de coalitie verliet. Ze leidt nu een minderheidskabinet met de conservatieve Nippon Ishin.
De spanning is voelbaar want Trump is onvoorspelbaar en Takaichi onervaren. Daarom houdt ze de boodschap eenvoudig: Japan blijft een trouwe bondgenoot. Beleidsmakers benadrukken richting Washington dat het defensiebudget al dit jaar stijgt naar 2 procent van het bbp, twee jaar eerder dan gepland. Een gebaar van goede wil en een opvallende koerswijziging voor een land met een lange pacifistische traditie.