Correspondent Anoma van der Veere:
“Normaal gesproken gaan schietincidenten over de yakuza, de Japanse maffia, en die zijn in de jaren 90 en 2000 – na tientallen incidenten – hard aangepakt. Het is niet zo dat alleen vuurwapens hier illegaal zijn, bepaalde soorten messen zijn ook verboden en je moet een vergunning hebben voor wapens als een pijl en boog. De regels voor alle wapens zijn de afgelopen jaren steeds strenger geworden en worden ook strenger gecontroleerd.
Sowieso is het heel moeilijk om aan een wapen te komen en om er eentje te houden. Zelfs als het lukt, moet je voldoen aan allerlei voorwaarden. Ze mogen niet automatisch kunnen schieten en moeten uit elkaar genomen zijn als je ze bewaart. In Japan zijn wapens echt bedoeld voor jagen, niet voor andere doeleinden, vandaar dat deze man waarschijnlijk zijn eigen wapen en kogels had gemaakt.
In de Meijiperiode (1868-1912) waren er veel politieke aanslagen, die zijn eigenlijk tot in de jaren 30 en in de Tweede Wereldoorlog doorgegaan. Er zijn nog wel aanslagen geweest sindsdien, maar het is wel uitzonderlijk dat het nu op zo’n hoog niveau gebeurt. Dat nu een oud-premier het slachtoffer is geworden, dat zegt wel hoe groot dit is voor Japan.”