Door de grote zaal van de Chofu City Green Hall in Tokio klinken aanwijzingen van dirigent Masato Suzuki (44): „Laat de slotnoot iets meer spreken.” Hij heeft zijn rug gekeerd naar rijen lege groene stoelen, terwijl voor hem het Bach Collegium Japan repeteert. Het ensemble, opgericht in 1990, viert dit jaar zijn 35-jarig bestaan. De lente is druk, met uitvoeringen door het hele land. Maar één concert krijgt bijzondere aandacht: de jaarlijkse Matthäus-Passion.
„De oprichting van het collegium was eigenlijk toeval”, vertelt oprichter Masaaki Suzuki (70), die vanaf een stoel de repetitie gadeslaat. Een brede glimlach, die met moeite onder zijn volle grijze baard vandaan komt, siert zijn gezicht. Suzuki werd in 1990 gevraagd de gloednieuwe orkestzaal Izumi Hall in Osaka in te wijden. De muzikaal-directeur ter plekke was een Bach-onderzoeker, die erg graag wilde dat Suzuki, destijds al een bekende klavecinist en dirigent, met Bachs werk in Japan aan de slag ging. Hij verzon ter plekke een naam voor het ensemble: Bach Collegium. „Toen heb ik er maar Japan achter geplakt, dat is waar we zijn”, licht Suzuki toe.