Ga naar de inhoud

Anoma van der Veere

Menu
  • Home
  • Publicaties
  • Podcast
  • Winkel
    • Winkel
    • Mijn account
    • Winkelwagen
    • Afrekenen
  • Over Mij
  • Contact
Menu

Het Japanse spoor is een symbool van nationale trots, geprivatiseerd, winstgevend én met goedkope tickets. Hoe kan dat?

Geplaatst op november 7, 2025december 4, 2025 door Anoma van der Veere

In 1872 werd de eerste Japanse spoorlijn, circa dertig kilometer tussen Tokio en Yokohama, geopend. Nu ligt er 29.400 kilometer spoor in Japan, een netwerk van 217 verschillende spoorbedrijven. En dat verdienmodel werkt heel goed. 

Op twee grote digitale borden aan het plafond flitsen led-lampen, tijden en bestemmingen. Treinreizigers stromen langs piepende kaartlezers. „Hier breng ik veel van mijn dagen door”, vertelt Niels Erdkamp (28), beleidsmedewerker servicekwaliteit bij Japan Railways East (JR East), het grootste spoorbedrijf van Japan. Hij wijst naar het loket verscholen achter de drukte, waar kalme medewerkers met gehaaste klanten spreken. „Mijn taak is om alles zo soepel mogelijk te laten lopen.”

In een donkerblauw uniform met gouden biezen vormt de jongeman uit Limburg een scherp contrast met de zomers geklede mensenmassa die door zijn station in Tokio reist. Erdkamp heeft in Nederland de studie Japans gedaan en bij zijn afstuderen kwam hij online de vacature van JR East tegen. Hij meldde zich aan, want hij wilde naar Japan. „Een bijzondere werkplek voor een Nederlander”, geeft hij toe. „Maar ik zie hierdoor goed de verschillen tussen de Japanse en Europese spoorwegen.”

In 1872 werd de eerste Japanse treinlijn geopend tussen Tokio en Yokohama, een stad zo’n dertig kilometer ten zuiden van de hoofdstad. Alleen al doordat de keizer – die zelden in het openbaar optrad – de opening bijwoonde werden de spoorwegen plotseling het symbool voor nationale vooruitgang. In de beginjaren bouwden commerciële bedrijven in rap tempo verschillende spoorlijnen, maar in 1906 koos de overheid voor nationalisatie om een uniform treinennetwerk te bouwen. 

Dat eerste traject bestaat nog altijd. En een ritje kost verrassend weinig: 20 à 25 yen (13 tot 16 eurocent) per kilometer, waarmee de reiziger uitkomt op 480 yen, zo’n 3 euro. In Nederland kost een vergelijkbare afstand, van Amsterdam naar Utrecht, 9,40 euro. Die lage prijs is mogelijk door het verdienmodel dat vervoersbedrijven hanteren, waarover later meer.

Mede vanwege de lage prijzen reizen Japanners dagelijks 65 miljoen keer met de trein, in totaal zo’n 1,2 miljard kilometer. Achttien kilometer per persoon. Wat de gemiddelde Nederlander in een week reist per trein, leggen Japanners in één dag af. Dat doen ze op ruim 29.400 kilometer spoor. Landelijk wordt bijna één op de drie reizen per trein afgelegd, in Tokio zelfs meer dan de helft. Een groot contrast met Nederland, waar slechts één op de 38 reizen per trein gaat. 

Erdkamp opent een stalen deur om de poortjes te omzeilen. In hoog tempo loopt hij richting een van de tientallen trappen die de stationshal met de perrons verbinden. Hij hupt met lichte sprongetjes van de treden af, behendig richting de voorkant van een wachtende trein, waar hij de machinist begroet. „Ze moeten tot op vijf centimeter nauwkeurig de trein tot stilstand leren brengen”, vertelt hij. „Ik vind dat nog steeds indrukwekkend.”

Lees het hier.

Winkelwagen

© 2026 Anoma van der Veere | Aangedreven door Minimalist Blog WordPress thema